2008 was het Jaar van het Religieus Erfgoed. In dit jaar werden in Zeeland zeven x zeven verhalen verzameld bij religieus erfgoed. De verhalen worden verteld door Zeeuwen van nu: jonge en oude, allochtone en autochtone, bekende en onbekende inwoners van deze provincie. Ze vertellen bij voorwerpen, gebouwen, gebruiken of plekken in het landschap die verwijzen naar het religieus erfgoed. Van veel verhalen is de plek te bezoeken. De verhalen van het religieus erfgoed zijn weer actueel in de Jaren van het Immaterieel Erfgoed, 2011 en 2012.
lees meer
David de Vries zit in de eerste klas van de Stedelijke Scholengemeenschap Nehalennia (voor voortgezet onderwijs) in Middelburg. Hij bouwt liever iets dan franse woorden leren en heeft daarom gekozen voor de leergang Technasium, waar leerlingen worden voorbereid op een bèta of technische vervolgstudie. David heeft het druk. "Ik race tussen school, pianoles, voetbal, Hebreeuwse les en de voorbereiding van mijn ‘bar mitswa'. Gelukkig voetbal ik drie keer in de week, want anders zou ik niets anders doen dan naar school gaan en huiswerk maken." Hij is voor Ajax. "Ze doen het niet zo goed, hè?" Nee inderdaad, maar laten we het daar niet over hebben, maar over jouw bar mitswa. Wat is bar mitswa? Hij kijkt mij met zijn groenblauwe ogen vragend aan en steekt van wal.
"Op 6 april word ik dertien. Op de sjabbat daarna, 12 april, word ik bar mitswa. Ik word dan volwassen." Volwassen? "Ja, niet voor de Nederlandse wet maar voor de joodse gemeenschap." Bar mitswa betekent ‘zoon van het gebod', als bar mitswa is hij zelf verantwoordelijk voor het nakomen van zijn godsdienstige verplichtingen en moet hij zich houden aan de geboden van de joodse wet die in de Tora staan. "Ik mag vanaf die tijd ook meedoen aan de diensten op sjabbat. Sjabbat is voor ons belangrijk, het is een herinnering aan de zevende dag van de schepping, de dag dat God uitrustte. Sjabbat duurt van vrijdagavond tot zaterdagavond. Op vrijdag begint de sjabbat met een dienst in de sjoel. Daar gaan we niet vaak naar toe, maar andere gezinnen doen dat wel. Wij gaan thuis lekker eten, zoals galle's, gevlochten broden die bij de sjabbat horen, en we zingen en kletsen wat. Dat is heel gezellig." Vieren jullie sjabbat in de synagoge in Middelburg? "Soms wel, mijn vader is voorzitter van de sjoel in Middelburg, maar we gaan ook naar de synagoge in Rotterdam. Deze is liberaal, daar doe ik mijn bar mitswa. Maar meestal kan ik zaterdags gewoon voetballen hoor."Ter markering van zijn ‘meerderjarigheid' wordt David op 12 april voor het eerst opgeroepen. "Dit betekent dat ik een stuk tekst uit de Tora, dat mijn ‘parasja' heet, moet voorlezen. De rabbijn kan mij vanaf die tijd vragen of ik hem wil helpen tijdens de dienst, bijvoorbeeld bij het aanwijzen in de Tora, het openen van de heilige arke of het zeggen van sommige gebeden. Dit soort taken heet ‘Mitswot'." Het voorrecht om bar mitswa te worden heeft ook verplichtingen. "Je wordt niet zomaar bar mitswa, al sinds mijn zesde jaar volg ik joodse les. Met tien andere kinderen krijg ik les in de geschiedenis van het jodendom in de sjoel in Middelburg. Ook leren we de Hebreeuwse letters. Het afgelopen jaar studeerde ik elke dag op mijn ‘parasja'. Kijk, dit zijn de boeken die ik moet bestuderen." David laat de ‘Tenach' en de ‘Choemasj' zien. De Choemasj is de gedrukte versie van de Tora. De Tora is een rol van perkament en blijft in de sjoel. De Tenach bevat dezelfde 24 boeken als het Oude Testament van de protestants-christelijke kerken, alleen in een andere volgorde. De Tora bestaat uit de eerste vijf boeken van de Tenach en is zodanig in stukken ingedeeld, dat de gehele tekst in een periode van een jaar uitgelezen wordt.
"Ik moet mijn tekst foutloos en op de juiste toon kunnen voorlezen en zingen, dat heet ‘laajenen'." Het ‘laajenen', het reciterend voorlezen van de sidra van ‘zijn' week is een belangrijke proeve van zijn opgedane kennis en vaardigheid. "Mijn vader helpt mij elke avond bij het voorlezen. Het zingen leer ik van mijn leraar Bram Lagendijk, de voorzanger van de Liberaal Joodse gemeente in Rotterdam. Om te oefenen bel ik elke woensdag Bram op en dan zing ik mijn tekst door de telefoon. Eén keer per maand ga ik zelf naar Rotterdam voor les." De tekst die David op 12 april leest past bij dat moment van het jaar en staat dus vast. David laat zijn tekst horen. Hij reciteert de parasja eerst in het Hebreeuws en daarna leest hij nog een stuk tekst uit de Tenach dat hoort bij zijn parasja. Dit stuk heet de ‘Haftara'. Van de Haftara leest hij eerst een deel in het Hebreeuws en daarna in het Nederlands. Zijn tekst staat in de Bijbel in het boek 2 Koningen 7:3: ‘Nu waren er bij de stadspoort vier mannen die aan huidvraat leden. Ze zeiden tegen elkaar: Waarom zouden we hier de dood blijven afwachten?' "Zal ik het ook eens voor je zingen?" Ja graag. Op heldere toon en zichtbaar genietend zingt hij zijn tekst voor. Wat vind je van deze tekst? "Ik kan mij voorstellen dat er wel een interessanter stuk is om te lezen, maar er zit wel een diepere betekenis achter, een moraal. Het gaat over ziekten, huidvraat werd vroeger melaatsheid genoemd." Liever had hij toch een tekst gekregen die wat meer tot zijn verbeelding sprak. "Maar ja, deze tekst hoort nu eenmaal bij mijn geboortedag. Sommige mensen zeggen dat je later het beroep krijgt dat bij jouw tekst past." Nou, dan word jij waarschijnlijk arts.
"Na de religieuze plechtigheid is het feest. Al weken van tevoren sturen mijn ouders de uitnodigingen rond. Eerst word ik door iedereen gefeliciteerd en daarna gaan we eten. Tijdens de dienst moet ik ook een toespraak houden. Ik weet nog niet wat ik ga zeggen, maar ik heb er veel zin in. Nee, ik vind het niet spannend, ik vind het leuk om te debatteren en te discussiëren in het openbaar."