2008 was het Jaar van het Religieus Erfgoed. In dit jaar werden in Zeeland zeven x zeven verhalen verzameld bij religieus erfgoed. De verhalen worden verteld door Zeeuwen van nu: jonge en oude, allochtone en autochtone, bekende en onbekende inwoners van deze provincie. Ze vertellen bij voorwerpen, gebouwen, gebruiken of plekken in het landschap die verwijzen naar het religieus erfgoed. Van veel verhalen is de plek te bezoeken. De verhalen van het religieus erfgoed zijn weer actueel in de Jaren van het Immaterieel Erfgoed, 2011 en 2012.
lees meer
Na jarenlange landelijke discussies tussen de voor- en tegenstanders van een slavernijmonument is het dan op 2 juli 2005 ook in Middelburg zover. Op die dag wordt het monument op de Balans feestelijk onthuld. Eigenlijk is de onthulling op 1 juli gepland, maar op die dag vindt de herdenking in Amsterdam plaats, waardoor verschillende afgevaardigden niet aanwezig kunnen zijn. We vergeten het liever, maar Nederland staat in de top vijf van zeventiende-eeuwse slavenhandeldrijvende naties. Samenvattend: tussen 1601 en 1803 verscheept en verkoopt Nederland 550.000 Afrikaanse slaven; daarvan zijn er 180.000 door de Zeeuwen verhandeld. Voor velen is dit slechts een zwarte bladzijde uit het verleden, maar voor de heer Siegfried Steglich uit Vlissingen is dit zijn geschiedenis.
Siegfried wordt in 1949 te Paramaribo geboren, als derde in een gezin dat uiteindelijk acht kinderen zal tellen. Zijn vader werkt als hoofd technische dienst bij de Bruynzeel Suriname Houtmaatschappij, in die tijd een van de grootste werkgevers van Suriname. Siegfried is ambitieus, en op 21-jarige leeftijd vertrekt hij naar de Zeevaartschool in Den Helder. Na zijn opleiding werkt hij eerst als stuurman op de Nederlandse koopvaardij en later als loods op de Surinaamse wateren. "Het verleden interesseert mij en sinds mijn pensionering heb ik meer tijd om mij in het verleden verdiepen." Aan de hand van een foto uit het midden van de jaren dertig van de vorige eeuw vertelt hij zijn familiegeschiedenis. De foto laat een welgestelde Surinaamse familie zien, die recht in de lens van de camera kijkt. De Creoolse overgrootmoeder zit prominent in het midden, haar kinderen en kleinkinderen, op gepaste afstand, keurig geordend om haar heen. "Om haar draait deze foto. De kinderen op de foto zijn allemaal in vrijheid geboren, maar zij heeft de afschaffing van de slavernij op 1 juli 1863 meegemaakt. ‘Keti-Koti' is de gebruikelijke naam daarvoor en staat voor ‘het verbreken van de ketenen'. Op die dag komen ongeveer 40.000 Afrikaanse slaven vrij, wel worden ze verplicht om nog tien jaar, tegen betaling, op de plantages te werken. In Suriname is 1 juli nu de ‘Dag van de vrijheden'. Een belangrijke feestdag die ook door Surinamers en Antillianen in Nederland wordt gevierd."
"Waarschijnlijk is mijn overgrootmoeder al voor 1 juli 1863 vrijgekomen, vrijgekocht door haar man, de heer Steglich uit Duitsland." Hij ontbreekt op de foto. "Ergens halverwege de negentiende eeuw is hij als aankomend zendeling naar Nederland afgereisd. Bij het zendingsgenootschap van de Evangelische Broedergemeente in Zeist volgt hij de opleiding voor zendeling. Na voldoende onderricht vertrekt hij per ‘windjammer' naar Suriname, waar hij drie maanden later aankomt. Dit is alles wat ik kan vertellen over mijn overgrootouders. Het is niet veel. In de Surinaamse archieven is er nauwelijks iets terug te vinden over de slaven in Suriname. Ook is moeilijk te achterhalen wie wie is. Bij aankomst in Suriname kregen de slaven een nieuwe naam van de plantagehouders."
"Je weet pas wie je bent, als je weet waar je vandaan komt. Nederlanders kunnen door genealogisch onderzoek een stuk van hun identiteit achterhalen. In de archieven zijn hun voorouders terug te vinden, maar voor ons is dit niet mogelijk." Siegfried is bezorgd over de teloorgang van identiteit in Nederland. "De zogenaamde tolerantie is soms niet meer dan een onverschillige levenshouding waarin heel weinig ruimte is voor de ander. We vergeten dat veel allochtonen hier leven, omdat wij dáár waren. Het is vreemd dat mensen, in alle vrijheid levend, zo met het verleden omgaan." Dit is dan ook de reden waarom hij zich als bestuurslid van Stichting Monument Middelburg inzet voor het slavernijmonument op de Balans. De voorzitter, Ferdinand Ralf, is de initiatiefnemer van het monument. Ralf wil een verbinding leggen tussen de geschiedenis van zijn voorouders en de geschiedenis van zijn woonplaats Middelburg. De Zierikzeese kunstenares Hedi Bogaers vertaalde dit in een monument dat bestaat uit een samengestelde granieten zuil uit vier delen in zwart en wit met dwars daar doorheen een rode ader. Om de zuil heen, plaatste zij op vier plekken halve cirkels van graniet met de breukvlakken naar buiten gekeerd. De vlakken staan voor een gemankeerde geschiedenis, die nooit is afgerond."Op 1 en 2 juli wordt respectievelijk de afschaffing van de slavernij in Suriname en op de Antillen herdacht. Op 30 juni vindt op de Balans een spirituele herdenking plaats waar de voorouders centraal staan. De manier waarop is voor iedereen persoonlijk en afhankelijk van zijn of haar geloof." Veel Surinamers zijn christelijk, maar daarnaast is winti belangrijk. Winti is door de voorouders meegenomen naar Suriname en komt in vele gedaanten voor: als religie, godsdienst, geneeswijze, cultuur, levenshouding en levensfilosofie. Tijdens het Nederlandse koloniale bewind is het uitoefenen van wintirituelen streng verboden. Winti betekent letterlijk wind, het onzichtbare, iets waar je jezelf niet aan kunt onttrekken. "Onze voorouders waren sterk op de natuur georiënteerd. Zonder contact met de vooroudergeest heb je geen winti. Maar tijdens de herdenking blijven we niet hangen in het verleden, we kijken ook naar de toekomst. De herdenking gaat niet over wit of zwart, maar over erkenning en herkenning van ons gezamenlijke verleden en van elkaar. De rode ader in de granieten zuil van het monument symboliseert dit goed volgens mij. Het verbindt de witte en zwarte zuilen en dit is voor mij het symbool van bloed dat door onze aderen stroomt."