2008 was het Jaar van het Religieus Erfgoed. In dit jaar werden in Zeeland zeven x zeven verhalen verzameld bij religieus erfgoed. De verhalen worden verteld door Zeeuwen van nu: jonge en oude, allochtone en autochtone, bekende en onbekende inwoners van deze provincie. Ze vertellen bij voorwerpen, gebouwen, gebruiken of plekken in het landschap die verwijzen naar het religieus erfgoed. Van veel verhalen is de plek te bezoeken. De verhalen van het religieus erfgoed zijn weer actueel in de Jaren van het Immaterieel Erfgoed, 2011 en 2012.
lees meer
In de loop van de middeleeuwen hebben de ambachtsheren in Zeeland een machtige positie opgebouwd. Hun status ontlenen ze voornamelijk aan hun grondbezit. Het belangrijkste recht is de rechtsmacht die de ambachtsheer uitoefent over de dorpelingen die binnen zijn ambachtsheerlijkheid wonen. Rechten zijn overerfelijk en kunnen door aankoop worden uitgebreid, maar ook worden verkocht. Een ambachtsheerlijkheid lijkt een verdwenen fenomeen, toch zijn er in Kloetinge nog concrete sporen van te vinden. Uniek is dat de huidige ambachtsvrouwe van Kloetinge, mevrouw J.J. van Dijk van ‘t Velde-Radermacher Schorer, nog steeds de Vicariestichting ‘De Vijf Capellarijen / Ambachtsheerlijkheid Kloetinge' beheert en dat de inkomsten het dorp ten goede komen.
"Kloetinge is het mooiste dorp van Zeeland" zegt Jeanne van Dijk van ‘t Velde. "Moet je kijken, alles komt weer tot bloei. De lammetjes zijn net in de tuin teruggezet, gelukkig zitten er ook wat zwarte schapen tussen, net zoals in mijn familie, want daar ben ik dol op." In de wintermaanden woont mevrouw Van Dijk van ‘t Velde in een comfortabel appartement vlakbij de Dom van Utrecht, maar de periode half april tot begin oktober brengt ze door in het Jachthuis te Kloetinge. "Al zolang ik mij kan herinneren breng ik de zomers in Zeeland door. Onze familie is al 165 jaar verbonden met Kloetinge. In 1843 kocht mijn betoudovergrootvader, Johan Jacob Patijn, voor zijn kleinzoon Johan Cornelis, mijn overgrootvader, de ambachtsheerlijkheid Kloetinge. Johan was toen net wees geworden, wat klinkt dat zielig hè? Bij het landgoed hoorde een groot huis middenin het dorp. Dit heeft hij later verkocht en daarvoor in de plaats een kleiner jachthuis laten bouwen. Bij de overdracht van het landgoed kreeg mijn overgrootvader ook het beheer over de vijf vicarieën."
"Vicarieën of kapelrieën zijn fondsen van gelovigen waaruit een priester (een vicaris of kapelaan) werd betaald. Zo'n vicaris moest daarvoor op vaste tijden missen voor het zielenheil van geliefde overleden familieleden opdragen. In Kloetinge werden deze missen opgedragen in de Geerteskerk. In de vijftiende en zestiende eeuw werden overal in Nederland vicarieën gesticht. Het stichten daarvan was niet alleen voorbehouden aan ambachtsheren, iedereen met voldoende vermogen kon een dergelijk fonds oprichten. Vicarieën vielen in die tijd onder het privévermogen. Na de dood van de eigenaar kon dit recht verdeeld worden onder de erfgenamen of verkocht worden aan buitenstaanders. Vlak voor de Reformatie, in 1581, zijn aan de Kloetingse kerk zeven vicarieën verbonden, waarvan vijf in handen zijn van de ambachtsheer Van Brederode. Na de Reformatie komt de vraag wat te doen met instellingen zoals de vicarieën, die zo nauw verbonden zijn met de Rooms-Katholieke kerk en clerus? De Staten van de verschillende gewesten stellen de vicarieën onder het wereldlijke recht en wijzigen de bestemming. Ook wordt bepaald dat een deel van de opbrengsten moet worden afgestaan aan de overheid. Veel vicarieën zijn daardoor in de loop van de tijd verdwenen." De oudste zoon, Jander van Dijk van ‘t Velde, vult aan dat er "momenteel nog 47 vicarieën staan ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, waarvan slechts vijf nog wezenlijk actief zijn. Dat de vicarieën in Kloetinge nog bestaan, heeft vermoedelijk te maken met de vooruitziende blik van de heer Patijn. Hij kocht in 1843 de verplichting voor omgerekend € 1.815,00 af om een deel van de opbrengst af te staan aan de staat."Een paar jaar geleden zijn de vicarieën ondergebracht in een charitatieve stichting. Het beheer van de stichting berust thans bij een bestuur, waarin naast leden van de familie ook personen van buiten de familie zitting hebben. Maar de ambachtsheer/vrouwe is voorzitter, `patronus' heet dit in archaïsch taalgebruik. "Mijn moeder, die het beheer altijd met heel veel plezier heeft gedaan, heeft mij aangewezen als haar opvolgster", zegt Jeanne van Dijk van ‘t Velde. "Na de Reformatie moest men verplicht het fonds aanwenden voor studiebeurzen voor zonen van de hervormde dominees uit Kloetinge. Later werd een bestemming gekozen die beter paste bij die tijd. Mijn moeder gaf bijvoorbeeld elk jaar drie studiebeurzen aan jongeren uit het dorp. Nee, er zitten geen Nobelwinnaars of minister-presidenten tussen", zegt ze lachend, "maar ik hoop dat voor hen een nieuwe wereld is open gegaan. Zelf houd ik erg van kunst en cultuur, vooral muziek heeft mijn belangstelling. De stichting sponsort de Kloetingse brassband Excelsior. Elke zomer geven zij een concert in de tuin en daarbij wordt het gehele dorp uitgenodigd. De stichting was ook betrokken bij de opbouw van het dorpshuis Amicitia dat na brand gerenoveerd moest worden. De vicariestichting sponsort voornamelijk culturele doelen in Kloetinge, want ik zie de zorg voor de bewoners van dit dorp als belangrijkste plicht van dit huis. Daarom is een paar jaar geleden de vicariestichting gekoppeld aan de ambachtsheerlijkheid Kloetinge."
"Naast deze zorg heb ik nog enkele ambachtsheerlijke rechten, zoals het recht van aan- en opwassen in de Ooster- en Westerschelde, het visrecht binnen de voormalige gemeente Kloetinge en het bezit van een eigen kerkbank in de Geerteskerk. Verder mag ik de nieuwe leden van het Sint-Sebastiaans Boogschutters- en Handbooggilde benoemen. Zij zullen mij op een boerenkar ten grave dragen. Na mijn dood gaan de ambachtsheerlijke titel en het patronaat van de stichting over op mijn jongste zoon en daarna op zijn zoon Jaimie, mijn enige kleinkind. Zij zullen dit samen met mijn oudste zoon en dochter in goed overleg doen." Het bestaansrecht van deze vicariestichting lijkt daarmee voor de toekomende decenniën verzekerd.